Naar hoofdinhoud

Bereken wettelijke rente en wettelijke handelsrente over openstaande vorderingen volgens Nederlands recht met onze gratis online calculator. De tool past per periode het geldende rentepercentage toe (de wettelijke rente wordt door de overheid vastgesteld, de handelsrente volgt uit de ECB-rente), berekent automatisch de jaarlijkse kapitalisatie volgens artikel 6:119 lid 2 BW en verrekent deelbetalingen volgens de toerekeningsregels van artikel 6:44 BW.

De tool berekent ook buitengerechtelijke incassokosten (BIK) volgens artikel 6:96 BW, inclusief de rente over die kosten. De calculator ondersteunt meerdere vorderingen (bijvoorbeeld bij periodieke verplichtingen zoals huurachterstanden) en kan een volledig betalingsschema opstellen met flexibele termijnen en jaarlijkse rentekapitalisatie.

Vorderingen
Bedrag (€) Startdatum
Deelbetalingen door schuldenaar (optioneel)
Berekening volgens het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (art. 6:96 BW). De wettelijke staffel: 15 % over de eerste € 2.500, 10 % over de volgende € 2.500, 5 % over de volgende € 5.000, 1 % over de volgende € 190.000 en 0,5 % over het meerdere (minimum € 40, maximum € 6.775).
Vanaf deze datum tot de einddatum wordt wettelijke rente (art. 6:119 BW) over de incassokosten berekend.

Wat is wettelijke rente?

Wettelijke rente is de schadevergoeding die een schuldenaar van rechtswege verschuldigd is als hij een geldsom te laat betaalt. De rente loopt over de tijd dat de schuldenaar met betalen in verzuim is (artikel 6:119 van het Burgerlijk Wetboek). Een afspraak over rente is daarvoor niet nodig.

Het Nederlandse recht kent twee percentages. De gewone wettelijke rente wordt bij algemene maatregel van bestuur vastgesteld (artikel 6:120 lid 1 BW); de regering past het percentage aan wanneer de marktrente daartoe aanleiding geeft, doorgaans per 1 januari of 1 juli. De wettelijke handelsrente volgt automatisch uit de rente van de Europese Centrale Bank (artikel 6:120 lid 2 BW). Wijzigt het percentage terwijl de rente al loopt, dan geldt vanaf de wijzigingsdatum het nieuwe percentage.


Vanaf wanneer loopt de wettelijke rente?

Wettelijke rente loopt vanaf het moment waarop de schuldenaar in verzuim is. Hoe het verzuim intreedt, hangt af van de situatie.

Het meest voorkomende geval is een onbetaalde factuur met een betalingstermijn, bijvoorbeeld “betaling binnen 30 dagen”. Betaalt de schuldenaar niet binnen die termijn, dan treedt het verzuim zonder ingebrekestelling in (artikel 6:83 onder a BW), tenzij blijkt dat de termijn een andere strekking heeft. De wettelijke rente loopt dan vanaf de dag na het verstrijken van de termijn.

Is er geen betalingstermijn afgesproken, dan moet de schuldeiser eerst een ingebrekestelling sturen: een schriftelijke aanmaning met een redelijke termijn voor betaling. Het verzuim treedt pas in als die termijn ongebruikt verstrijkt. Het verzuim treedt ook zonder ingebrekestelling in bij een vordering tot schadevergoeding uit onrechtmatige daad of wanneer de schuldenaar laat weten dat hij niet zal betalen (artikel 6:83 onder b en c BW).

Bij een handelsovereenkomst

Voor een overeenkomst tussen ondernemers of met een overheidsinstantie geldt een eigen regeling. De wettelijke handelsrente loopt van rechtswege vanaf de dag na de afgesproken uiterste betaaldag (artikel 6:119a lid 1 BW). Is geen uiterste betaaldag afgesproken, dan loopt de rente vanaf 30 dagen na de dag waarop de schuldenaar de factuur heeft ontvangen, of 30 dagen na ontvangst van de prestatie als de factuur eerder kwam of de ontvangstdatum niet vaststaat (artikel 6:119a lid 2 BW). Een aanmaning is niet nodig.

Ondernemers mogen in beginsel een betalingstermijn van ten hoogste 60 dagen afspreken. Een langere termijn kan alleen als die uitdrukkelijk is overeengekomen en niet kennelijk onbillijk is jegens de schuldeiser (artikel 6:119a lid 5 BW). Betaalt een grote onderneming aan een mkb-leverancier, dan is een termijn van meer dan 30 dagen nietig (artikel 6:119a lid 6 BW).


Hoe bereken je de wettelijke rente?

De basisformule is eenvoudig:

rente = hoofdsom × rentepercentage × aantal dagen verzuim / 365

In een schrikkeljaar wordt gedeeld door 366. Drie dingen maken de berekening in de praktijk bewerkelijk: het percentage wijzigt halfjaarlijks, na elk vol jaar wordt de rente bij de hoofdsom opgeteld en deelbetalingen moeten in een vaste volgorde worden verrekend. De calculator hierboven doet dat automatisch. De voorbeelden hieronder laten zien hoe het werkt; de calculator geeft voor dezelfde gegevens dezelfde uitkomst.

Voorbeeld 1: gewone wettelijke rente

Een consument betaalt een factuur van € 5.000 niet. Het verzuim begint op 1 maart 2026; op 1 september 2026 wordt betaald. Dat zijn 184 dagen tegen 4 %:

€ 5.000 × 4 % × 184 / 365 = € 100,82

Voorbeeld 2: handelsrente met een tariefwijziging

Een afnemer betaalt een factuur van € 20.000 niet. De rente loopt vanaf 1 januari 2026 tot 1 oktober 2026. Op 1 juli 2026 steeg de handelsrente van 10,15 % naar 10,40 %, dus de periode wordt gesplitst:

  • 1 januari tot 1 juli 2026: € 20.000 × 10,15 % × 181 / 365 = € 1.006,66
  • 1 juli tot 1 oktober 2026: € 20.000 × 10,40 % × 92 / 365 = € 524,27

Totaal: € 1.530,93 handelsrente.

Voorbeeld 3: rente op rente na een vol jaar

Een vordering van € 10.000 is vanaf 1 januari 2024 opeisbaar en in verzuim; op 1 januari 2026 volgt betaling. In 2024 was de wettelijke rente 7 %, in 2025 6 %:

  • 2024: € 10.000 × 7 % = € 700. Op 1 januari 2025 wordt dit bedrag bij de hoofdsom opgeteld: de rente loopt verder over € 10.700.
  • 2025: € 10.700 × 6 % = € 642.

Totaal: € 1.342 rente, tegen € 1.300 zonder kapitalisatie.

Deelbetalingen

Betaalt de schuldenaar een deel, dan gaat die betaling eerst af van de kosten, daarna van de verschenen rente en pas daarna van de hoofdsom en de lopende rente (artikel 6:44 lid 1 BW). Zolang de rente niet is voldaan, blijft de hoofdsom waarover rente loopt dus even hoog. De schuldeiser mag een betaling weigeren waarbij de schuldenaar een andere volgorde aanwijst (artikel 6:44 lid 2 BW). De calculator rekent bij een deelbetaling eerst de rente over de incassokosten af, daarna de incassokosten, de rente over de hoofdsom en ten slotte de hoofdsom. Wilt u geen rente over de kosten berekenen, vink dan “Geen rente over de kosten” aan.


Wettelijke rente versus wettelijke handelsrente

Het Nederlandse recht kent twee soorten wettelijke rente:

  1. Gewone wettelijke rente (art. 6:119 BW) geldt voor geldvorderingen in het algemeen: vorderingen op consumenten, vorderingen tot schadevergoeding, terugbetaling van onverschuldigde betalingen en vorderingen tot ongedaanmaking na ontbinding. Het percentage is sinds 1 januari 2026 4 % per jaar.
  2. Wettelijke handelsrente (art. 6:119a BW) geldt bij een handelsovereenkomst: een overeenkomst om baat tussen ondernemers (natuurlijke personen die handelen in de uitoefening van een beroep of bedrijf, of rechtspersonen). Voor handelsovereenkomsten met de Staat, provincies, gemeenten, waterschappen en andere overheidsinstanties geldt dezelfde regeling (artikel 6:119b BW). Het percentage is sinds 1 juli 2026 10,40 % per jaar.

De handelsrente is ingevoerd ter uitvoering van de Europese richtlijn betalingsachterstand (Richtlijn 2000/35/EG, vervangen door Richtlijn 2011/7/EU). Beide soorten rente worden na elk vol jaar bij de hoofdsom opgeteld (artikel 6:119 lid 2 en artikel 6:119a lid 3 BW). Geen handelsrente is verschuldigd als de schuldeiser zelf in verzuim is of als de vertraging niet aan de schuldenaar kan worden toegerekend (artikel 6:119a leden 7 en 8 BW).


Hoe hoog is de wettelijke handelsrente in 2026?

De wettelijke handelsrente is sinds 1 juli 2026 10,40 % per jaar. Van 1 januari tot en met 30 juni 2026 was zij 10,15 %.

Het percentage wordt niet door de regering gekozen maar volgt uit de wet: het is de rente die de Europese Centrale Bank rekende voor haar laatste basisherfinancieringstransactie vóór 1 januari of 1 juli, vermeerderd met acht procentpunten (artikel 6:120 lid 2 BW). Vóór 1 juli 2026 was de ECB-herfinancieringsrente 2,40 %; 2,40 % plus 8 procentpunten geeft 10,40 %. Het percentage geldt telkens voor een half jaar, ook als de ECB haar rente in dat halfjaar wijzigt. Tot 16 maart 2013 was de opslag zeven procentpunten.


Rente op rente en afwijkende afspraken

Wettelijke rente wordt als samengestelde rente berekend: telkens na afloop van een jaar wordt de verschuldigde rente bij de hoofdsom opgeteld, waarna de rente over het hogere bedrag verder loopt (artikel 6:119 lid 2 BW; voor de handelsrente artikel 6:119a lid 3 BW). Het eerste jaar begint op de dag waarop de rente gaat lopen.

Partijen kunnen een eigen rente afspreken. Is die contractuele rente hoger dan de wettelijke rente, dan loopt de afgesproken rente na het verzuim door in plaats van de wettelijke rente (artikel 6:119 lid 3 BW). Bij een handelsovereenkomst treedt een afgesproken rente in de plaats van de wettelijke handelsrente (artikel 6:119a lid 9 BW).


Alle rentetarieven sinds 1995

De calculator past voor elke periode automatisch het juiste percentage toe. Hieronder staan alle percentages. Bij een wijziging binnen een lopende renteperiode geldt vanaf de wijzigingsdatum het nieuwe percentage.

Wettelijke rente (art. 6:119 BW)

PeriodePercentage
1 januari 2026 tot heden4,00 %
1 januari 2025 tot en met 31 december 20256,00 %
1 januari 2024 tot en met 31 december 20247,00 %
1 juli 2023 tot en met 31 december 20236,00 %
1 januari 2023 tot en met 30 juni 20234,00 %
1 januari 2015 tot en met 31 december 20222,00 %
1 juli 2012 tot en met 31 december 20143,00 %
1 juli 2011 tot en met 30 juni 20124,00 %
1 januari 2010 tot en met 30 juni 20113,00 %
1 juli 2009 tot en met 31 december 20094,00 %
1 januari 2007 tot en met 30 juni 20096,00 %
1 februari 2004 tot en met 31 december 20064,00 %
1 augustus 2003 tot en met 31 januari 20045,00 %
1 januari 2002 tot en met 31 juli 20037,00 %
1 januari 2001 tot en met 31 december 20018,00 %
1 januari 1998 tot en met 31 december 20006,00 %
1 juli 1996 tot en met 31 december 19975,00 %
1 januari 1996 tot en met 30 juni 19967,00 %
1 januari 1995 tot en met 31 december 19958,00 %

Wettelijke handelsrente (art. 6:119a en 6:119b BW)

PeriodePercentage
1 juli 2026 tot heden10,40 %
1 juli 2025 tot en met 30 juni 202610,15 %
1 januari 2025 tot en met 30 juni 202511,15 %
1 juli 2024 tot en met 31 december 202412,25 %
1 januari 2024 tot en met 30 juni 202412,50 %
1 juli 2023 tot en met 31 december 202312,00 %
1 januari 2023 tot en met 30 juni 202310,50 %
1 juli 2016 tot en met 31 december 20228,00 %
1 januari 2015 tot en met 30 juni 20168,05 %
1 juli 2014 tot en met 31 december 20148,15 %
1 januari 2014 tot en met 30 juni 20148,25 %
1 juli 2013 tot en met 31 december 20138,50 %
16 maart 2013 tot en met 30 juni 20138,75 %
1 januari 2013 tot en met 15 maart 20137,75 %
1 januari 2012 tot en met 31 december 20128,00 %
1 juli 2011 tot en met 31 december 20118,25 %
1 juli 2009 tot en met 30 juni 20118,00 %
1 januari 2009 tot en met 30 juni 20099,50 %
1 juli 2008 tot en met 31 december 200811,07 %
1 januari 2008 tot en met 30 juni 200811,20 %
1 juli 2007 tot en met 31 december 200711,07 %
1 januari 2007 tot en met 30 juni 200710,58 %
1 juli 2006 tot en met 31 december 20069,83 %
1 januari 2006 tot en met 30 juni 20069,25 %
1 juli 2005 tot en met 31 december 20059,05 %
1 januari 2005 tot en met 30 juni 20059,09 %
1 juli 2004 tot en met 31 december 20049,01 %
1 januari 2004 tot en met 30 juni 20049,02 %
1 juli 2003 tot en met 31 december 20039,10 %
1 januari 2003 tot en met 30 juni 20039,85 %
1 december 2002 tot en met 31 december 200210,35 %

Bronnen: de besluiten tot vaststelling van de wettelijke rente in het Staatsblad (wettelijke rente) en de herfinancieringsrente van de Europese Centrale Bank vermeerderd met de wettelijke opslag (handelsrente). Het actuele percentage publiceert de Rijksoverheid op rijksoverheid.nl.


Buitengerechtelijke incassokosten (BIK)

De wettelijke grondslag voor buitengerechtelijke incassokosten staat in artikel 6:96 BW: redelijke kosten ter verkrijging van voldoening buiten rechte komen voor vergoeding in aanmerking. Sinds 1 juli 2012 bepaalt het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten hoe hoog die vergoeding mag zijn.


Wettelijke staffel BIK

Het Besluit bevat een staffel waarmee de maximale incassokosten worden berekend:

HoofdsomPercentage
Eerste € 2.50015 % (minimum € 40)
Volgende € 2.500 (€ 2.500 tot € 5.000)10 %
Volgende € 5.000 (€ 5.000 tot € 10.000)5 %
Volgende € 190.000 (€ 10.000 tot € 200.000)1 %
Meerdere boven € 200.0000,5 %

Het maximum aan buitengerechtelijke incassokosten bedraagt € 6.775. Bij een handelsovereenkomst is in ieder geval € 40 verschuldigd, zonder aanmaning, vanaf de dag na de uiterste betaaldag (artikel 6:96 lid 4 BW).


Dwingend recht jegens consumenten

Tegenover consumenten kan niet ten nadele van de schuldenaar van de staffel worden afgeweken (artikel 6:96 lid 5 BW). Een beding dat hogere incassokosten toekent, kan de consument dus niet worden tegengeworpen. Tussen ondernemers kunnen partijen andere bedragen afspreken; zonder afspraak geldt de staffel.


De 14-dagenbrief

Voordat een schuldeiser incassokosten van een consument kan vorderen, moet hij de consument na het intreden van het verzuim een schriftelijke aanmaning sturen: de 14-dagenbrief. Daarin krijgt de consument veertien dagen om alsnog te betalen, met vermelding van de incassokosten die anders verschuldigd worden (artikel 6:96 lid 6 BW). De termijn begint op de dag nadat de consument de brief heeft ontvangen. De rechter mag ervan uitgaan dat een brief op de tweede dag na verzending is bezorgd, waarbij een zondag, maandag of officiële feestdag niet meetelt (HR 25 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2704). Een brief die de termijn verkeerd omschrijft, bijvoorbeeld “binnen veertien dagen na verzending van deze brief”, voldoet niet.


Rente over buitengerechtelijke incassokosten

Zodra de schuldenaar in verzuim is met de betaling van de incassokosten, loopt ook over die kosten wettelijke rente. Het percentage is steeds de gewone wettelijke rente (art. 6:119 BW), ook wanneer over de hoofdvordering de hogere handelsrente loopt: de incassokosten zijn een vordering tot schadevergoeding en geen betaling uit een handelsovereenkomst.

Bij consumentenvorderingen worden de incassokosten verschuldigd wanneer de termijn van de 14-dagenbrief ongebruikt verstrijkt; bij een handelsovereenkomst vanaf de dag na de uiterste betaaldag. In de calculator vult u de datum in waarop de incassokosten opeisbaar werden; de rente daarover wordt dan automatisch berekend. Vinkt u “Geen rente over de kosten” aan, dan is de datum niet nodig.


Veelgestelde vragen

Vragen over Nederlands recht? Neem contact op.